Twintig dagen naar het land van Kim Jong-un


Koreaan

Onze eerste Noord-Koreaan zat in de berm naar onze bus te kijken. Dat zagen wij, maar wat zag hij? (Foto André)

Twintig dagen naar het land van Kim Jong-un, deel 3

Scholieren met partijspeldjes

Onderonsje van de stewardessen op de Russische trein op de grens van Noord-Korea, terwijl wij wachtten voor het douanegebouw. (Foto: Hans) >

(26 oktober 2018) De grens tussen Rusland en Noord-Korea is slechts 19 km lang. Op die grens, in Tumangang, moest een enorme menigte door de douane. Ook veel Noord-Koreaanse arbeiders, die zich gedeeltelijk wat netter omkleedden en alvast het partijspeldje bevestigden met de portretten van Kim Il-sung, zijn opvolger Kim Jong-il of allebei (exclusief voor partijleden; niet te koop voor toeristen).

partijspeldje < Partijspeldje met de beeltenis van Kim Il-sung en Kim Jong-il

Dus dàt waren de ‘dwangarbeiders’ van Breuker. Ze hadden enorme hoeveelheden bagage bij zich, soms geheel omwikkeld met plastic. De sfeer onder de mensen, na één, twee of misschien wel drie jaar op de terugreis, leek goed, maar echt contact was onmogelijk.

De douane ging grondig te werk, al gingen de koffers en de handbagage vrijwel zonder problemen door een scanner. Maar alle boeken, foto-apparatuur en elektronica moesten er eerst uit worden gehaald, aan het douane-personeel worden getoond en verdween gedeeltelijk uit zicht. Zoals gemeld had Leonieke ‘mijn’ boek van Remco Breuker meegenomen, en dat leverde geen problemen op; per persoon werd alleen aangetekend hoevéél boeken de grens over waren gegaan (hetzelfde aantal moest weer terug).

Het duurde even voordat iedereen alles terug had gekregen, maar uiteindelijk konden we zonder problemen naar de klaarstaande bus.

bagageEerste Koreaan

< Bagage van Noord-Koreaanse arbeiders, uit Rusland op weg naar huis. (Foto André)

Onze bagage paste precies in de bus. Het duurde echter nog wel even voordat die kon vertrekken. Onze ‘Rason-gidsen’ hadden buiten nog wel het een en ander te doen. Ze hadden ook nog geen tijd gehad voor hun opsomming van geboden en verboden in ons nieuwe vakantieland, maar toen we uit het raam keken en onze ‘eerste Koreaan’ in de berm zagen zitten (uitrusten?) begrepen we wel dat het niet de bedoeling was hem te fotograferen. Maar het was nog niet verboden.

De man nam er zijn gemak van en stond even op, maar dat was om anderhalve meter verder een nieuwe plek te vinden. Wij keken naar hem en bouwden aan onze vooroordelen. Hij keek naar ons, maar wat zag hij?

‘Disney Noord-Korea’

Volgens Remco Breuker worden ‘zich geprivilegieerd voelende kortstondige bezoekers’ rondgeleid door een ‘Disney-Noord-Korea’ dat ver afstaat van de werkelijkheid. Alsof toeristen alle praatjes van de begeleidende gidsen geloven en zich er niet van bewust zijn dat er in Noord-Korea ook straf- en zelfs vernietigingskampen bestaan die ten koste van alles buiten de werkelijkheid moeten worden gehouden. Vanaf het allereerste moment maken de gidsen alleen maar duidelijk dat bezoekers uitsluitend met positieve indrukken thuis mogen komen. De DPRK is immers een welvarend land waar louter gelukkige mensen wonen. Wat niet in dat plaatje past mag eenvoudig niet.

Wat niet wegneemt dat we lang niet alles ‘zagen’ en nog minder begrepen. Al was het alleen maar wat al die Koreaanse slogans betekenen die overal op metersbrede borden waren afgebeeld. Meestal werden ze afgesloten met een uitroepteken, dus ze waren serieus bedoeld.

Maar ze zijn kennelijk niet zo belangrijk dat een gids ze spontaan gaat vertalen.

‘No pictures!’

Kimkwadraat Eén van de eerste afbeeldingen van De Leiders. Er zouden nog honderden volgen (Foto: Hans) >

Ieder gezelschap in Noord-Korea wordt vergezeld door tenminste twee gidsen, die tijdens het hele verblijf niet van je zijde wijken. Ze overnachten ook in de hotels, zelfs al zouden ze in dezelfde plaats wonen.

‘Noord-Koreaanse gidsen hebben het niet gemakkelijk’, constateerde in 2012 een journalist die, met medeweten van de Noord-Koreaanse ambassade in Nederland, een toeristische rondrit door het land maakte:

Het zijn de enige gidsen ter wereld die hun klanten zo weinig mogelijk van het land laten zien, en er zo min mogelijk over vertellen.
De gidsen staan de bezoekers, soms uitstekend, terzijde met raad en daad, maar zijn ook aangesteld om toe te zien op de naleving van de gestelde regels. En die zijn (ongeveer):

• Hotel niet verlaten zonder gids.
• Niet fotograferen vanuit de bus.
• Geen foto’s van militairen of militaire voorwerpen.
• Geen foto’s van mensen in open vrachtauto’s.
• Geen foto’s van bouw- en andere werkplaatsen.
• Geen foto’s van bouwvakkers en andere arbeiders.
• Mensen toestemming vragen voordat je een foto maakt.
• Geen zonnebril of korte broek bij bezoek aan heilige plaatsen (standbeelden van de Leiders; niet wijzen; handen omlaag.
• Foto’s van die standbeelden alleen van voren en geheel in beeld.
• Bij twijfel eerst vragen aan de gids.
• De gids mag eisen foto’s te verwijderen.
Het noopt tot voorzichtigheid en zelfcensuur. De bus rijdt op een brug over een rivier met een colonne militairen die door het water waden. Een foto! Maar: uit de bus, en militairen, en geen toestemming; aarzeling; toch maar niet? Daarna: jammer, maar gelegenheid voorbij…

En spijt, zeker als - zoals in ons geval (maar zeldzaam!) - niet op foto’s werd gecontroleerd toen we het land verlieten. Overigens stuurde Igor na thuiskomst een mailtje rond voor een app waarmee gewiste foto’s weer konden worden teruggehaald. Maar Jan Tuijp, een fotograaf waar we in deze serie nog op terugkomen, kreeg van zijn gidsen de ernstige waarschuwing dat hij bij ‘verboden’ foto’s misschien niet eens het land meer uit zou komen.

Rason speciale zone

Rason is een apart stukje Noord-Korea. De provincie is een bijzondere economische zone, die in 1992 door Noord-Korea is ingesteld om de handel met China te bevorderen en experimenten uit te voeren met de markteconomie. We moesten voor de toegang twee pasfoto’s reserveren, al werden die pas bij ons vertrek uit het gebied door de Rason-gidsen ingenomen.

Het was trouwens de eerste keer dat duidelijk werd dat Noord-Korea in talloze zones is onderverdeeld. Dat werd later nog eens bevestigd tijdens onze lange busreizen. We passeerden voortdurend controleposten. Telkens verliet de gids de bus om toestemming te vragen verder te kunnen reizen. Wij kregen die toestemming - natuurlijk; maar als je niet het vereiste papiertje hebt?

jarig Leonieke is jarig en blaast haar kaarsjes uit. (Foto: Roel) >

Tijdens de rit naar de stad Rason, onze eerste plaats van bestemming, hadden we een veelbelovend uitzicht op de Japanse Zee; hier (volgens een later gekochte kaart waarop héél Korea als DPRK werd aangeduid) de East Korea Sea. Bij binnenkomst in Rason liet de bus het afweten; hij was niet meer in beweging te krijgen. Verbazingwekkend snel kwam een andere bus aangereden, maar het lukte niet alle bagage terug te krijgen in de bagageruimte. Dus legden we de laatste kilometers af met koffers in het gangpad.

Het hotel oogde modern. Willem en ik kregen een kamer op de tweede etage.Maar er was geen lift, en onze koffers waren zwaar. Jonge, sterke reisgenoten tilden ze op als een veertje zodat we uitgerust aan konden schuiven aan ons eerste - smakelijke - Noord-Koreaanse diner, met stokjes.

Dat werd op een groot beeldscherm begeleid met muziek van de Moranbong Band; een - terecht - populaire Noord-Koreaanse meidengroep die de komende veertien dagen vrijwel overal op zou komen duiken (volgens Wikipedia zijn de leden persoonlijk geselecteerd door Kim Jong-un). Hun repertoire varieert van moderne muziek tot vaderlandslievende liedjes.

Voor Leonieke was er een verrassing: een taart met bijbehorend aantal kaarsjes: ze was jarig.

Bijzondere excursies

Welke toerist zou er in bijvoorbeeld Portugal op het idee komen spontaan een kunstmestfabriek te bezoeken? Of een schoenenfabriek? Of een groentenkwekerij? In Noord-Korea deden we dat allemaal. De excursies behoren tot het gebruikelijke programma en de ‘uitverkoren’ (model?)bedrijven hebben te maken met een stroom aan toeristen, die overigens soms schamper opmerken dat de computers hier nog werken met Windows 2000. Ze worden door een plaatselijke gids begeleid die onder meer trots meldt hoe vaak welke Kim er ook al is geweest.

We waren in Noord-Korea doorgaans hele dagen op stap. De wekker ging vaak al om zes uur af, omdat de koffers moesten worden ingepakt en de bus om acht uur zou vertrekken. We waren meestal rond negen uur ‘s avonds weer op de plaats van bestemming. Alleen de volhouders zetten de conservatie daarna nog even voort in de hotelbar.

In het vervolg van dit verhaal zal ik niet al die uitstapjes volgen, maar me beperken tot de (vele!) bijzonderheden.

leerlingen

Gesprekken in het Engels in Rason. Links mijn gesprekspartners - 13 jaar en met partijspeldjes!; rechts de belangstelling voor de foto’s van Aad. (Foto's: André)

Zo bezochten we een taalschool in Rason; een klas met leerlingen van rond 13 jaar waarmee we een half uur Engels mochten spreken. Het werden gesprekken over sport, muziek, Rason, Nederland en waar zal ik het nu nog over hebben. Behalve bij Aad; die werd belaagd door een kluwen scholieren die allemaal zijn verre-landen-foto’s wilden zien.

Rasonmarkt

De markt in Rason. Fotograferen was voor ons verboden. Dit is een still uit een video van AP uit 2012 over de economische zone van Rason.

Ook bezochten we de plaatselijke markt; ‘de enige plek in het land waar dit mag!’, had Leonieke beloofd, maar fotograferen was verboden. Het bleken twee gebouwen. Het eerste gaf een gevoel van ‘is dit alles?’; het tweede was inderdaad een groot gebouw met een complete Winkel van Sinkel als inhoud, waar je kon betalen met euro’s of Chinees geld. Alleen was het moeilijk daar te manoevreren met vijftien reizigers (Harold en Sandra waren nog onderweg), twee gidsen die het overzicht niet wilden verliezen en een acuut gebrek aan tijd.

Want we moesten woensdag 29 augustus weer vroeg op, voor een lange treinreis.

(Wordt vervolgd)

Make a free website with Yola